Logo Vereniging van Vrienden van Modern Glas
                   
Home Over ons Nieuws Agenda Fjoezzz Activiteiten Aanmelden Contact Links Nationaal Glasmuseum
       
  Atelierbezoeken
   
    Archief atelierbezoeken
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
   
     
   
   
   
   
   
   
   
 
Beetje passen en meten soms.Verslag atelierbezoek Bibi Smit.
 
“Samenwerken is heel belangrijk, voor vrijwel alles, ook in het leven”, zijnbibi smit de diepzinnige woorden van Bibi Smit tijdens de demonstratie glasblazen. Het samenwerken ging deze keer met Gonique Hol. Samen stonden ze achter de oven te werken, “Beetje passen en meten soms. Er moet nog een nieuwe oven komen, met een groter gat dan kan ik hier ook grotere werken maken”. In eendrachtelijke samenwerking werden wijnglazen geblazen. Beide zijn al een aantal weken bezig om niet alleen de oude ambachtelijke techniek, maar ook het ritme van de samenwerking onder de knie te krijgen. Het blazen van een wijnglas begint met de kelk. In een klein klompje glas wordt de ‘ziel’ geblazen, het zogenaamde duimblazen, waardoor er in het warme glas een klein belletje lucht ontstaat. “Een aantal van jullie vond de kelk van de vorige wat klein. Ik zal nu een grotere maken. Leuk, een beetje feedback”, reageerde Bibi naar aanleiding van een eerdere opmerking. Gonique bereidt de steel voorbibi smit. Een klomp glas wordt in een mal met ribbelstructuur geblazen en op de kelk gezet. Al draaiende wordt de steel uitgetrokken. “Dat moet gelijkmatig gebeuren, wil je de steel overal ongeveer even dik hebben. Wordt het te lang, dan knip ik er gewoon een stuk af”. Vervolgens maakt Bibi een ‘kraag’ aan het eind van de blaaspijp. “Als je lange dingen maakt, wordt het glas op de pijp snel koud en dit is een manier om het snel weer op te warmen, zeker zoals nu de deur openstaat. Het glas is heel gevoelig voor tocht. Als je een paar seconden te lang wacht, wordt het glas te koud en breekt het”, verduidelijkt ze. Bij de tweede demonstratie gebeurde dat ook. In de kelk kwam een barst. De “Gonique-techniek” moest toegepast worden. Gonique blies warme lucht in de kelk waardoor de barst “gelijmd” werd en er verder gewerkt kon worden. “Je kunt nooit alleen werken. Het moet met z’n tweeën. De één draait, de ander haalt uit de oven eerst glas voor de steel en vervolgens voor het voetje, terwijl de ander draait”. Voor de afwerking van de kelk neemt Gonique met de pontil het wijnglas over waarna Bibi de kelk openmaakt en gladstrijkt. Vervolgens maakt ze nog een ‘kraag’ tussen de kelk en de steel. Met een pincet trekt ze de kraag uit. “Als de pincet te heet wordt, dan blijft hij kleven”, vertelt ze ondertussen verder werkend. Bij de tweede demonstratie wordt de kraag gemaakt in een blauwe kleur. “Blauw glas is veel trager, ook na opnieuw opwarmen. Je ziet dat ik er veel harder aan moet trekken en als ik te hard trek dan gaat het glas scheef”.
“Meestal volg ik mijn eigen ideeën. Ook bij deze opdracht. Het is mijn idee van een wijnglas”.
 
Renée Jansen-Schulz